Klik hier om weer terug te gaan naar de homepage!
Lycian Turkey Byblis, dochter van Miletos Sint Nicolaas
 
 

 


  De oude stad(acropolis) Caunos ligt 1 km van Dalyan
  Hier kun je meestal het beste met een boot oversteken
  naar de overkant. Aan de haven staan er bootjes klaar
  om voor een paar centen u naar de overkant te
  brengen. Nadat u bent afgezet zit u de koningsgraven
  boven u. Hierna volgt u het weggetje richting de berg
  van Caunos. U moet dan ongeveer een kilometer
  afleggen. Volgens de archeologische opgravingen gaat
  de geschiedenis van de stad terug tot 3000 jaar voor
  Christus. Gedurende de eeuwen hebben hier vele
  volkeren geleefd. De Perzen, Hellen, Romeinen,
  Byzantijnen. De invloed van al deze culturen zijn goed
  te volgen in de structuren van de stad. Na de 14'e eeuw
  is het in handen van de Mentessogullari Ottomanen
  gekomen. De bouwwerken van Caunos zijn: Acropolis
  (kasteel en muren), muren rond Caunos, theater, kerk,
  romeins baden, depot, kraan, agora, stoa, heilige
  plekken en bouwwerken.
 
Naast deze bouwwerken zijn er ook nog een haven, dockyard(scheepbouw), 
sportarea. Alleen deze zijn nog niet helemaal te bezichtigen. 
Wanneer je de resten van de stad goed bekijkt zul je zien dat Caunos een 
zeer belangrijke stad is geweest. Sinds 1966 is onder leiding van professor 
dr. Baki Ogun en professor dr. Cengiz Isik en de ploeg archeologische 
opgravingen gedaan. Naast de opgravingen zijn ze ook druk bezig met 
het restaureren van de ruine resten. Alle vondsten die zijn gedaan tijdens 
de opgravingen zijn te bezichtigen in musea in Fethiye en Bodrum.
 

Eerst vanaf de haven van Dalyan jezelf laten overvaren met een taxibootje (Alper & Akin op de foto)
En daarna kan de wandeltocht beginnen richting de ouden havenstad Caunos.
 
Caunos, eens een druk bezochte havenstad.
De haven is dichtgeslibd, de bevolking weggetrokken en eeuwen later verrees iets verderop Dalyan.
Caunos bestond al in de tijd van de Perzen en midden in de 6de eeuw voor Christus werd het door Harpagos onderworpen. 
In de 5de eeuw voor Christus was het een betalend lid van de Delisch-Attische Zeebond en in de 4de eeuw voor Christus 
werd de stad versterkt door koning Mausolos van Halikarnassos. 
Nadat Alexander de Grote de stad had veroverd en hij was overleden, kwam de stad in het bezit van Ptolemaios, 
daarna kwam het in bezit van Rhodos (188-167 voor Christus) en uiteindelijk van Rome die het in 129 voor Christus inlijfde. 
En daarna ging het nogal om en om, dan was de stad in bezit van Rhodos en dan was de stad weer zelfstandig. 
In deze tijd waren de belangrijkste bronnen van inkomsten voor de stad de handel in zout, vis, hars en slaven. 
De Kauniers stonden ten slotte nog bekend als fruiteters.



Kaunos heeft in de Romeinse tijd zijn hoogtepunt beleefd. 
De meest bekende handelswaren bestonden destijds uit slaven, hars, pek en gezouten vis. 
U kunt hier een amfitheater, een badhuis, zuilengang, kerk en natuurlijk de beroemde Lyrische, 
in de bergen uitgehouwen graven zien. Deze graven bestaan uit twee soorten: 
de zogenaamde tempelgraven van de rijke burgers en de eenvoudige graven van de armere mensen. 
De berg werd als laatste rustplaats gebruikt om twee redenen: ten eerste om plunderingen zoveel mogelijk te voorkomen 
en ten tweede omdat de geesten in gedaanten van adelaren de doden naar de hemel brachten.

  Caunos ligt aan de westkant van de rivier en is daarom Cairisch gebied.
  De koningsgraven zijn gemaakt in typisch Lycisch stijl.

  De Dalyan cayi verbindt het meer van Koycegiz met de Middellandse Zee.
  Deze rivier vormde in de Oudheid de grens tussen het grondgebied 
  van de Cariers en de Lyciers, twee sterk door de Griekse cultuur 
  beinvloede volken. De grensplaats Kaunos was in de 4e eeuw een van de 
  belangrijkste steden van de Cariers. Van dat volk kunt u ten westen van 
  Dalaman nog enkele zeer fraaie rotsgraven bewonderen. 
  De ruines van Kaunos zijn alleen goed te bereiken over het water en de 
  lokale bevolking heeft daar goed op ingespeeld. In de steile rotswand 
  boven Kaunos hebben de Cariers in een stijl die sterk lijkt op die van de 
  Lyciers (zie Fethiye en Myra) enkele schitterende grafmonumenten 
  uitgehouwen, die eruit zien als Griekse tempelgevels. Bij de haven lag 
  het centrum van de stad, waarvan nog enkele bouwwerken uit de tijd na 
  de Carische bloeiperiode overeind staan. 
  U ziet er onder andere een Romeins theater, een agora, een badhuis, 
  een nymphaeum en een Byzantijns kerkje.

Het Acropolis (kasteel & muren):
Een acropolis ligt meestal op een hoge berg omdat men zichzelf beter kan verdedigen tegenover hun vijanden.
Het kasteel van Caunos ligt ook op een berg. Je hebt vanaf deze berg uitzicht over het gehele vallei. Het oosten
en zuiden van het kasteel lopen heel steil naar beneden tot en met het Dalyan kanaal. Hierdoor kan men via een
weg die in het westen ligt naar het kasteel lopen langs de oude ruines van een theater. Het kasteel omgeven door
dubbele muren zijn in de 5'e eeuw voor Christus gebouwd. Door de poorten in de muren en gaten die er gevonden
zijn kan men zien dat de muren later gemoderniseerd zijn in de middeleeuwen.

Verdedigingsmuren: 
Aan het noordwesten en noorden van de locatie Caunos, 8 meter hoog en goede resterende ruines.
Buiten de verdedigingsmuren van de Acropolis is geheel Caunos ook omgeven van deze muren. Deze gaan vanaf
het noorden naar het noord-oosten tot de Baliklar berg, het zuiden en zuid-westen naar het kasteel, het westen tot
het Comlekciler berg en omgevingen en verder gaat het tot het Dalyan kant van Caunos. Op sommige plaatsen kun
je de poorten van de verdedigingsmuren ook zien.

Acropolis Heuvel: 
De top is 150 meter en is bedekt met Hellenistishe ruines. Een gebied van 800 vierkante meter met een
muur van hardstenen metselwerk.

Agora en Stoa (marktplaats en portieken)
Van de kraan naar het westen in paralelle richting de weg van de haven en omgevingen is er een Agora en een
Stoa. Op deze plek zijn er ook resten van standbeelden gevonden. De Stoa resteert van de Hellenische periode.
Achter de Stoa tegen de heuvel is een bidplaats van de 2'e eeuw voor Christus. Deze is 97 meter lang en met stenen
betegeld. Hier zijn ook schriften gevonden.

Nympheum (antieke kraan)
Deze bevind zich dicht bij het oosten van de Stoa. De kraan draagt de naam van de Romeinse keizer Vespasian (69-79).
Op deze kraan bevindt zich aan de havenzijde een schrift. In dit schrift kun je de naam van de keizer Vespasian zien.
Verder werden er douanezaken genoteerd. In verband met het strategisch, economisch belang van die periode zijn de
gegevens die op dit schrift genoteerd zijn heel erg belangrijk.

Deze 2 talige inschrift is in 1966 in de Cairische
stad Caunos ontdekt. De Karisch-Griekse 
Bilingue van Kaunos, Een tweetalige 
Staatsoorkonde van 4. Jh. v. Chr., in: Kadmos 36

             Andron in Temenos de Basileus Kaunios / Apollonheiligdom

                    Andron in Temenos de Basileus Kaunios / Apollon
 
De haven (kleine haven/suluklu meer) en douane
Wat we vandaag kennen als het Suluklu meer heeft destijd in het belangrijke kaunos een grote rol gespeeld.
Toendertijds was het Suluklu meer diep en konden er handelsschepen aanleggen. De haven was ook beschermd omdat
het onder de categorie dichte haven valt.
Vandaag de dag is het niet zo diep meer en is het dichtgeslipd. De ingang van de haven kon met een ketting afgesloten
worden. Hieruit kunnen we zien dat er naast de haven ook een douane was. Dit wordt ook herkend in de schriften die zijn
gevonden. In de haven zijn ook resten van golfbrekers gevonden.

Tholos (ronde gebouw)
Het ronde gebouw wat Tholos wordt genoemd werd gemaakt voor een held van toen. Het bevindt zich in het zuiden van de
haven. Omdat het vol met water zit is het erg moelijk om daar archeologische opgravingen te verrichten.

Comlekci Berg
Deze is tegenover de kasteel en in het westen. De ruimte tussen het kasteel en de Comlekci berg werd door middel van
een ketting gesloten. In de omgeving van de Comlekci berg zijn er begraafplaatsen, muren, torens.

Het Theater: 
Een ontzagwekkende constructie, twee mooie resterende ingangen in de vorm van een boog die naar
het amfitheater gaan. Eenmaal in het theater zie je 34 rijen met zitplaatsen en een hele mooie uitzicht
naar het Suluklu meer in het westen. Het theater ligt in het westgedeelte van de Acropolis. Het valt op
door de mooie panorama en ligging. Je hebt een gedeelte waar de scene werd gespeeld, een
gedeelte voor het orkest en de zitplaatsen(cavea). Een gedeelte van de zitplaatsen zijn gebouwd tegen
de berg aan en de rest op grote stenen.
       
Munten van Kaunos met de
Initialen k b voor kbid, dn 
Cairische Stadnamen
 Marmerbeeld hoofd
 Rondaltaar met 
Aphrodite Euploia
     Inschrift fragment
Romeinse baden:
Wanneer je richting het noord westen gaat lopen vanaf het theater kom je langs een grote oefenterrein
en dan bij het locatie van de baden. De baden zullen gerestaureerd worden tot museum in de toekomst.
De Romeinse baden van Caunos zijn een van de best bewaarde in Anatolium. Hier heb je een uitkleed
gedeelte, massage gedeelte, warm-koudwater gedeelte, een soort sauna en een zwembad.
De vernielde gedeelten worden gerestaureerd. Het mooiste buitengedeelte van de romeinse baden
is het zuidkant met de vele ramen die naar Caunos en de haven van hoogte kijken.

                

De Paleastra (sportschool): 
Van het oosten van de romeinse baden tot en met het theater was er een sportschool. Op de paleastra
werden sportlessen gegeven en worstelwedstrijden gehouden.

Het grote kerk: 
Wanneer je de weg naar het theater volgt kom je aan je rechterkant een kerk tegen.
Archeologen vermoeden dat er in dit gebied 2 kerken waren. Vandaar dat ze het kerk bij het theater
de 'grote kerk' noemen. Dat er hier een kerk is wil zeggen dat er in Caunos Christenen hebben gewoond.
Men vermoed dat de kerk in de 5'e eeuw of later is gebouwd. De kerk heeft een ingang en 3 heilige gedeeltes.
De ingang ligt in het westen en de heilige gedeeltes liggen in het oosten.

Caunos of Kaunus bevat de ruines van een Griekse stad, 
maar is vooral gekend door zijn graftomben in de rotsen.
Deze worden afgebeeld als een Griekse tempel. 
Volgens de overlevering is Kaunos, waarvan je hierboven de rotsgraven kan zien, 
gesticht door Caunos, de zoon van Milete, die uit Patara was gevlucht 
voor zijn zus Byblis die op hem verliefd was geworden. 
Het verhaal van Caunos en Byblis leefde, mede dankzij de Romeinse schrijver 
Ovidius - die het optekende in zijn wereldberoemde Metamorphosen - 
voort in de oudheid en de Middeleeuwen. 
Zo kennen we tegenwoordig nog de uitdrukking:
'een Kaunische liefde'.

Opgravingen
In samenwerking met de Duitse overheid gaat het opgraven 
in de daarachter gelegen ruinestad Caunos 
elke winter door en zijn er steeds opnieuw interssante ontdekkingen te zien. 
Laag voor laag wordt vierduizend jaar beschaving blootgelegd.
 







        Amfitheater met uitzicht op de zee


         Het uitzicht vanaf de berg "Caunos"


                            Het Amfitheater


         Het pad tot de ingang van Caunos


              Een van de ingangen van 
             het amfitheather in Kaunos.


     Een van de ingangen van 
    het amfitheather in Kaunos.

Het gebied van Caunos is ontdekt rond de 9'e eeuw voor Christus.
In het jaar 400 voor Christus is het een Cairische stad geworden

Vanaf de hooggelegen vestingmuren heeft u 
zicht op een prachtig panorama van de delta van
Dalyan en het schildpaddenstrand. Het is zeker de moeite waard om een bezoek
aan Caunos te brengen met zijn oude badhuizen
en tempels. De oude handelsstad heeft ook een
zeer goed bewaard gebleven amfitheater. Bij de oude stad Kaunos kan je de opgravingen bekijken met o.m. een Byzantijnse basiliek, een Romeins badhuis, een theater, de stadsmuren en nog veel meer In het amfitheater in de oude stad Kaunos was van alles te zien en te horen. Het amfitheater is eigenlijk een Grieks woord, want amfi is "rondom" en theatron is "gebouw voor schouwspelen". Het Amfitheater komt oorspronkelijk uit Griekenland waar toeschouwers plaats namen op de heuvels om een schouwspel te zien. Het eerste bekende Amfitheater werd in 80 voor Christus in Pompei gebouwd. Een groot Amfitheater bood plaats aan 20.000 of meer bezoekers. De mensen zaten op banken of stoelen uitgehakt uit de muur. De galerijen en uitgangen werden zo ontworpen dat al die mensen het Amfitheater gemakkelijk en vlot konden verlaten. De arena kon net als in het Colosseum onder water worden gezet voor het nabootsten van zeeslagen. Boven de zitplaatsen stond een velarium uitgespannen dat de zon moest weren. Bij regen schuilden de bezoekers in de galerijen. In grotere Amfitheaters, waren kamers onder de vloer waar de wilde beesten werden vastgehouden totdat ze via valdeuren de arena betraden. In het Amfitheater werden allerlei soorten spelen georganiseerd waaronder de bekende gladiatorenspelen. In kleine steden was het Amfitheater vaak de enige vorm van vermaak. Omdat een Amfitheater van grote omvang was werd het meestal in de stad gebouwd of meteen buiten de muren. Militaire Amfitheaters (ludi) werden dichtbij forten gebouwd en vestigingen werden gebruikt als trainingsgrond voor de soldaten. Het woord arena is het Latijn voor ‘zand’, waarmee de bodem van het strijdperk bestrooid was en de valluiken onzichtbaar voor het publiek werden gehouden. Een ruim aanbod in het vermaak was nodig om het publiek te blijven boeien: gladiatoren gevechten, een gigantische variatie in dierengevechten soms onderbroken door iets exclusiefs: voor strijdwagens gespannen panters of een olifant die voor de keizer neerknielde. Pas in 404 na Christus werden door keizer Honorius de bloedige gevechten verboden, omdat een monnik, Telemachus geheten in de arena sprong om de gevechten te stoppen en door de menigte toeschouwers werd verscheurd. Tot aan de zesde eeuw waren er nog wel gevechten van dier tegen dier te zien. Het bekendste amfitheater is het Colosseum in Rome.
Mythologie

Byblis wordt verliefd op Caunus 
Byblis bewijst dat meisjes moeten beminnen met fatsoen,
want Byblis, verliefd op haar broer - Apollo's kleinzoon - 
beminde zoals een zuster een broer nooit mag beminnen....

Een meisje uit Miletos, dat omkwam door de onzalige liefde, 
die zij had opgevat voor haren broeder Caunos. 
Volgens sommigen ging deze liefde uit van Caunos, en vluchtte hij, 
om voor zijne zondige neiging niet te bezwijken, uit Miletos. 
Toen zijne zuster hem niet meer vond stortte zij zoo overvloedige tranen, 
dat daaruit eene bron ontstond en doodde zij zich zelve. 
Volgens een ander verhaal was het Byblis zelve, 
die hare liefde niet meer bedwingen kon en zich daarom in zee stortte, 
waarop zij in eene Hamadryade (boschnymph) veranderd werd. 
Uitvoerig is deze mythe behandeld door den Romeinschen dichter Ovidius. 
Hij verhaalt, hoe de liefde van Byblis voor Caunos al heftiger werd en deze 
dientengevolge moest vluchten voor hare omhelzingen, 
hoe zij hem echter nazette door Lykie en Karie en andere landen en hoe zij 
eindelijk uitgeput nederzonk en zoveel tranen vergoot, 
dat ze zich oploste in een bron.

Byblis' zwerftocht 
Men zegt dat Byblis door haar droefheid volslagen waanzinnig werd, 
dat ze zich de kleren van het lijf rukte en in razernij haar armen blauw sloeg. 
Het was nu duidelijk hoe ziek ze was en hoe ze verlangde naar 
ongepaste liefde, omdat ook zij haar vaderstad, de plaats 
van onheil, verlaten had, haar gevluchte broer achterna. Byblis 
rende krijsend door de wijde vlakten. Ze kwam eerst voorbij 
Bubasos, trok dan verder door Carie, belandde in het 
roversland rond Megara; vervolgens rende ze door Lycie, 
over de Xanthus-stroom, langs de stad Limyre en over de Cragos-berg. 
De bomen verloren reeds 
hun bladeren toen Byblis, uitgeput van het lopen, instortte; 
zij lag op de harde grond, het haar gespreid, haar gezicht 
diep in de afgevallen blaadjes. De nimfen van die streek wilden 
haar steeds doen opstaan; steeds weer zegden ze dat zij haar 
liefde moest vergeten. Byblis luisterde echter niet. Zwijgend 
lag ze in het groene gras; een beek van tranen hield de grond 
nat. Men zegt dat waternimfen als eerbetoon van dit water 
een bron maakten die nooit kan opdrogen.Meteen daarna, zoals 
bevroren water bij de komst van de zon ontdooit, zo smolt 
Apollo's kleinkind Byblis weg in haar eigen tranen. Ze werd 
bij een donkere steeneik een bron die nu nog altijd haar naam 
draagt.
Generaal Crassus Naast het verhaal van Kaunos en Byblis en de scherpe tong van Stratonikos is er nog een verhaal over Kaunos dat de moeite waard is. Zoals gezegd, de Kauniers waren echte fruiteters en vooral de vijgen waren toendertijd (nu nog steeds?) wereldberoemd in Kaunos en omstreken. Toen in 55 voor Christus de Romeinse generaal Crassus (die Spartacus had verslagen) aan land kwam om tegen de Parthen te vechten hoorde hij marktkooplui 'cauneas' roepen, wat kort was voor 'Kaunische vijgen'. Bijgelovige oren hoorden echter 'cave ne eas', wat zoveel betekent als 'je kunt beter thuisblijven' en tja, dat had hij inderdaad beter kunnen doen, want in de strijd tegen de Parthen kwam Crassus om het leven. Maar over Kaunos doen nog meer verhalen de ronde. Een van de leukste is het verhaal van de harpist Stratonikos. In de oudheid kwam er in het gebied rond Kaunos veel malaria voor en als gevolg van de moeraskoorts (in de oudheid was dit een moerassig gebied) hadden de inwoners van de stad nogal een groenige kleur van hun uiterlijk. Stratonikos die de stad bezocht en toch al bekend stond om zijn scherpe tong, begreep nu ineens waarom Homerus had gezegd dat 'mensen als bladeren zijn'. Maar ongezond kon hij de mensen in Kaunos toch niet noemen, want als zelfs de doden over straat lopen... Klik hier voor de Lycische puzzel!
Deze pagina is ververst op: Monday, 12 February, 2007
Klik hier om weer terug te gaan naar de homepage!  
Klik hier om weer terug naar de homepage te gaan!